Passie



Heracles kwam op bezoek.

Dat betekent voor mij dat de supporters in het uitvak afgereisd zijn vanuit de stad waar ik geboren ben.

Almelo.

Dat is een bijzondere pot.

Omdat het voelt als een persoonlijke derby.

Niet omdat ik ook maar 1 seconde twijfel welke ploeg ik aan zal moedigen.

Mijn wieg stond in Almelo. Maar mijn hart ligt bij FC Utrecht.

Met goede zin ging ik dan ook richting ons stadion. En natuurlijk met een goed gevoel.

Als onze jongens maar enigszins het niveau halen van de wedstrijd tegen Feyenoord, moeten we deze pot binnen kunnen slepen.

Één ding maakt lichtelijk onzeker.

Vorig seizoen, het beste seizoen in jaren, viel jammerlijk in het water toen twee van onze sterkhouders geblesseerd moesten afhaken.

Letschert en Ruiter.

Zonder hen grepen we naast alle prijzen die voor het oprapen leken.

Letschert is er al een poosje niet meer bij. En nu, tegen Feyenoord, ook Ruiter per brancard het veld moest verlaten, kwamen beelden terug van vorig seizoen. Het zal toch niet…

De eerste helft. David Jensen op goal.

Maar geen idee of hij een zwakkere schakel zou zijn.

Dat lag niet aan hem, maar aan al zijn collega’s die een fantastische eerste helft speelden. Zelfs een 6-jarige jeugdkeeper had de goal schoon gehouden.  Hij had namelijk, gelukkig, niets te doen.

Wel viel onze stille kracht Strieder uit. Kak. Dat scheelt een slok op een schnaps voor zolang het duurt. Van der Maarel centraal achterin dan maar. En onze aanvoerder op zijn vertrouwde plek op het middenveld.

Nu weet iedereen dat Van der Maarel eerder nog weleens uitgefloten werd. Wat mij betreft ten onrechte. Want mijn god wat kan die jongen stofzuigen. Ik zou graag eens statistieken zien van hoeveel kansen van een tegenstander hij om zeep heeft geholpen op het allerlaatste moment. Niet doordat ie het meeste talent heeft, maar omdat ie speelt met passie. Hij gooit zich voor iedere bal die hij eventueel kan stoppen. Tegen Heracles liet hij dat weer een aantal keren zien. En mede dankzij hem, werd het voor de Almeloërs nooit een wedstrijd. Althans, niet eentje waarin zij mochten hopen op punten.

Dankzij hem. En David Jensen.

Want waar de mens is geëvolueerd van aap tot nu door steeds verticaler door het leven te gaan, liet onze keeper zien dat ie zich horizontaal ook prima thuis voelt op deze planeet. Wat een prachtige redding. Hulde en een staande ovatie. Terecht.

Maar mijn favoriete moment deze wedstrijd was, toen Haller een pingel versierde. Deed ie knap. Maar wat er zich vlak voor mijn ogen afspeelde, haalde in één klap al mijn zorgen over het gemis van Robbin Ruiter weg.

Toen de scheids zijn fluit aan de mond zette, om vervolgens naar de penaltystip te wijzen, ging David Jensen compleet uit zijn dak. Hij vierde een feestje. Ver van zijn medespelers en met het publiek aan zijn zijde. Toen de strafschop erin ging deed ie dit nog dunnetjes over. Wat een beleving. Wat een PASSIE. Wat een verschrikkelijk mooie vent. Hij heeft er een fan bij.

David. Welkom in ons midden.

Je zal heus ooit ook een mindere wedstrijd spelen. Maar ik weet nu, wij weten nu allemaal, dat dat nooit zal zijn omdat je er met de pet naar zal gooien.

Applaus voor David Jensen.

Op naar Zwolle.  Waar je hopelijk weer met ons een feestje mag gaan vieren.

Of wacht.

Ik bedoel.

Zal gaan vieren.

Want 1 ding is zeker..